Tabellen

Tabel verticaal

1. Zet grootheden en eenheden in bovenste vakjes, de grootheid die je instelt het meest links

2. In de linkse kolom komen de waarden die je instelt. Bijvoorbeeld als je 8 metingen verricht om de 10 seconden dan komt in de eerste kolom: 10, 20, 30, 40, 50, 60, 70, 80 te staan. Geen eenheden meer noemen, want die staat al in de bovenste vakje.

3. In de andere kolommen komen de meetwaarden of de waarden die je uit de metingen berekent.

Tabel horizontaal

1. Zet grootheden en eenheden in vakjes links, de grootheid die je instelt bovenaan.

2. In de bovenste rij komen de waarden die je instelt. Bijvoorbeeld als je 5 metingen verricht om de 10 seconden dan komt in de eerste kolom: 10, 20, 30, 40, 50, 60, 70, 80 te staan. Geen eenheden meer noemen, want die staat al in de bovenste vakje.

3. In de andere kolommen komen de meetwaarden of de waarden die je uit de metingen berekent.

HOME

PAGE

SAMENVATTING

EXPERIMENTEREN

SAMENVATTING

LICHT

SAMENVATTING

GELUID

SAMENVATTING

VERKEER

SAMENVATTING

ELEKTRO